Een verdwenen stukje boerenleven...

‘Boerderij Wassenaar in 1910’

Wie het schilderij van Rob van Assen bekijkt, ziet op het eerste gezicht een bedrijvig maar alledaags tafereel. Voor een oude boerderij staan melkbussen, houten vaatwerk en karren gereed. Onder het afdak zijn vrouwen aan het werk; rechts wacht een paard voor de melkbrik. Juist in die gewone bedrijvigheid schuilt de waarde van het beeld. Dit was geen romantisch verzonnen dorpsdecor.

Van Assen baseerde het schilderij op een historische zwart-witfoto van boerderij Wassenaar aan de Bronckhorststraat 31 in Noordwijk-Binnen, omstreeks 1910.

Rob van Assen, 'Boerderij Wassenaar' in 1910, olieverf op paneel, 30 x 40 cm. Collectie ArtBoutique.

De oorspronkelijke foto en later opgetekende herinneringen van mevrouw Jo Kaptein-Wassenaar maken het mogelijk om veel van wat we zien daadwerkelijk te duiden. Daardoor kunnen we, ruim een eeuw later, verrassend dicht bij het dagelijkse leven op deze plek komen.

Een boerenerf midden in Noordwijk-Binnen

De Bronckhorststraat zag er in het begin van de twintigste eeuw heel anders uit dan tegenwoordig. De straat heette tot 1886 Dwars Kerkstraat. Oude foto's laten een veel landelijker omgeving zien, met boerderijen, erven, schuren en open ruimten. Landbouw en veehouderij lagen niet ergens ver buiten het dorp; zij maakten deel uit van het dagelijks straatbeeld.

Op nummer 31 bevond zich de boerderij van de familie Wassenaar. Uit de herinneringen van Jo Kaptein-Wassenaar, in 2008 gepubliceerd in een uitgave over de Bronckhorststraat, weten we dat hier 23 tot 25 koeien werden gehouden. Achter de boerderij lagen de stallen en een grote hooizolder; tegenover de stal stond een hooiberg. Er was bovendien een aparte stierenstal, waar boeren uit de omgeving met hun koe naartoe kwamen.

Het bedrijf was dus aanzienlijk meer dan het woonhuis dat vanaf de straat zichtbaar was. Achter en naast de gevel lag een compleet boerenbedrijf, met stallen, opslag, melkverwerking, karren en dieren. Dat verklaart ook de bedrijvigheid op de foto die Rob van Assen als uitgangspunt nam.

De historische foto van de Bronckhorststraat 31 uit 1910, waarop Rob van Assen zijn schilderij baseerde.

Melk, boter en een pintmaat

Onder het afdak, opzij van de boerderij, stond de handmatig bediende karnmolen. Daar werd de room van de melk tot boter gekarnd. De melk ging niet in glazen flessen de deur uit. Zij werd in bussen meegenomen en bij de klanten met een pintmaat afgemeten. Melkbezorging was daarmee letterlijk maatwerk aan de deur.

De oude foto legt precies zo'n moment vast. Volgens de bijbehorende beschrijving staan links Willempje Bierman en boerin Alida Wassenaar. Bij de melkkarretjes staan de melkbezorgsters Neeltje Alders en Marietje Steenvoorden. Op de melkbrik zit Dirk Wassenaar, op dat moment nog ongehuwd. Onder het afdak staat bovendien (slecht zichtbaar) Leen van der Weijden uit de Bronckhorststraat. De brede bakken op de grond werden gebruikt voor het afromen van de melk; roodkoperen bakken waren daarvoor bestemd.

Het is niet bekend wie de dame tussen Neeltje en Marietje was.

Hygiëne was ook toen van groot belang. Jo herinnerde zich dat er goed op werd gelet. Water kwam niet vanzelfsprekend uit een kraan zoals wij die kennen. Bij de koelbak hoorde een pomp. Voor de kinderen begon een schooldag soms al met stevig werk: voordat zij naar school gingen, moest de koelbak met water worden gevuld. Volgens Jo waren daarvoor ongeveer 1.200 pompslagen nodig. Vooral de laatste slagen waren zwaar.

Circa 1915 op het erf bij boer Dirk Wassenaar.

Met de koeien door de straten

Ook het houden van de koeien verbond de boerderij rechtstreeks met het dorp. In het voorjaar werden de dieren naar de wei gebracht. Eerst moesten zij, na maanden op stal, op het boerenerf even wennen aan de buitenlucht. Jo vertelde dat de koeien van blijdschap flinke sprongen maakten.

Daarna begon de tocht naar het land. De boer liep voorop met een koe aan een touw; de overige dieren volgden. De route voerde door de Kerkstraat, Heilige Geestweg en Schiestraat naar het land aan de Lageweg en in de Bronsgeest. Bij de woning ‘Bronsgeest’ van Dirks broer Arie lag volgens Jo een overdekte bocht waar de koeien bij slecht weer uit het zicht van het verkeer konden lopen. In het najaar ging de kudde weer naar de stal terug.

Voor een huidige Noordwijker is dat misschien een van de meest aansprekende beelden: een kudde koeien die door straten loopt die wij nu vooral kennen van woningen, auto's en fietsers. Het maakt duidelijk hoe klein de afstand tussen dorp en boerenland toen was.

De Bronckhorststraat omstreeks 1915. Poseren voor de fotograaf was toen nog een bijzonderheid.

Het leven van een boerengezin

Het werk hield niet op nadat de melk was bezorgd. Een boerderij vroeg iedere dag aandacht. De koeien moesten worden gemolken en gevoerd, stallen moesten worden uitgemest, melkgerei schoongemaakt en hooi en voer verzorgd. Jo vatte het later eenvoudig samen: het was altijd druk op de boerderij en de kinderen moesten zoveel mogelijk meehelpen. Haar moeder zei: ‘Zoek je je handen? Daar hangen ze; doe iets!’

Uit haar herinneringen ontstaat daardoor geen geïdealiseerd beeld, maar een leven waarin werk en gezin vrijwel in elkaar overliepen. Jo trouwde in 1949 met Kees Kaptein en ging toen met hem bij haar slechtziende, later blinde ouders wonen. Kees hielp nog een tijd op de boerderij. Haar ouders verhuisden later naar een bejaardenwoning. De publicatie vermeldt dat de boerderij vermoedelijk uit 1792 dateerde.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de melkwijk met al het materiaal verkocht aan Tony van der Holst uit het Kerkhofpad. De koeien werden na de bevrijding verkocht. Eind jaren vijftig of begin jaren zestig werden de opstallen op het erf opgeruimd. Een foto van 23 juli 1968 toont de oude gebouwen vlak vóór de afbraak. De bedrijvigheid van 1910 is dan verdwenen; wat resteert zijn verweerde muren, oude daken en lege bedrijfsruimten.

Bronckhorststraat 31 op 23 juli 1968, vlak vóór de afbraak van de opstallen op het boerenerf.

Van zwart-wit naar het Noordwijk van Rob van Assen

Juist daar begint het werk van Rob van Assen. Hij schilderde niet simpelweg een oude foto na. Wie zijn oeuvre kent, weet hoe serieus hij de wereld achter zijn onderwerpen nam. Oude foto's en prentbriefkaarten waren voor hem geen vrijblijvende inspiratiebron, maar materiaal waarin hij zich kon vastbijten. Hij wilde begrijpen wat hij zag: gebouwen, gebruiksvoorwerpen, kleding, karren, schepen of landschappen moesten geloofwaardig zijn.

Bij Boerderij Wassenaar in 1910 stond hij voor een extra uitdaging. De historische foto geeft vormen, personen en verhoudingen prijs, maar nauwelijks kleur. Van Assen moest van een korrelig zwart-witbeeld opnieuw een samenhangende wereld maken. In zijn schilderij krijgen de bakstenen hun warme tint, het hout zijn doorleefde kleur en de luifel een gedempt groen. De metalen melkbussen vangen het licht. Het paard en de melkbrik rechts trekken de blik de diepte in, terwijl de figuren onder het afdak de bedrijvigheid van de boerderij dragen.

Rob van Assen in zijn atelier.

Daarbij bleef hij dicht bij het historische tafereel. Dat is kenmerkend voor de manier waarop hij met Oud Noordwijk omging. Hij zocht niet naar een spectaculair verleden, maar naar het herkenbare leven dat achter oude foto's verborgen zat. Een boerenerf, een straat, een melkbrik of een paar mensen die hun dagelijkse werk doen konden voor hem voldoende zijn om een verdwenen tijd zichtbaar te maken.

Links de woning van de boerderij.

Een stukje Noordwijk dat niet helemaal verdween

Wie nu door de Bronckhorststraat loopt, kan zich moeilijk voorstellen hoeveel boerenwerk hier ooit plaatsvond. De koeien zijn uit het straatbeeld verdwenen, de melkbrik rijdt niet meer uit en de opstallen achter nummer 31 zijn geschiedenis geworden. Toch is die wereld niet volledig weg.

De foto uit 1910 legde één ogenblik vast. De herinneringen van Jo Kaptein-Wassenaar voegden daar het geluid van pompen, karren en vee, het zware werk en de routes door het dorp aan toe. En Rob van Assen gaf het tafereel opnieuw kleur. Daardoor kijken we niet alleen naar een oude boerderij, maar naar een klein stukje dagelijks Noordwijks leven dat anders gemakkelijk uit het geheugen zou verdwijnen.

Misschien is dat uiteindelijk de grootste verdienste van dit schilderij. Het laat zien dat geschiedenis niet uitsluitend in grote gebeurtenissen zit. Soms staat zij gewoon onder een afdak in de Bronckhorststraat, tussen melkbussen, houten vaten en mensen die aan een nieuwe werkdag beginnen.

Van geschiedenis naar een hedendaags interieur

Een schilderij dat een verdwenen stukje Noordwijk vastlegt, hoeft niet alleen als herinnering aan vroeger te worden bekeken. Eenmaal ingelijst krijgt het ook in een interieur van nu een eigen plaats en uitstraling. Daarom eindigen we ook dit verhaal met een interieurimpressie. Niet om het historische beeld te veranderen, maar om te laten zien hoe Rob van Assens fijn geschilderde ‘Boerderij Wassenaar’ meer dan een eeuw later nog altijd tot zijn recht kan komen aan de wand.

 



Interieurimpressie van het ingelijste schilderij 'Boerderij Wassenaar in 1910'

Uit de collectie van galerie ArtBoutique – www.oudnoordwijk.nl

Bronnen en verantwoording

  • De Historie van Noordwijk in Woord en Beeld deel 2a; ‘Het boerenleven in de Bronckhorststraat, verteld door Jo Kaptein-Wassenaar’  (juli 2008)
  • Noordwijk in oude ansichten – afbeeldingen J. Braakman e.a.; tekstbijdragen M.A.M. van der Voort-Ruygrok.
  • Foto Rob van Assen - Sander Pardon
ArtBoutique gebruikt cookies om de website te verbeteren en te analyseren. Als u meer wilt weten over deze cookies, klik dan hier. 
 Cookies NIET accepteren